De meerwaardebelasting in België: wat er veranderde in 2026
Gepubliceerd op 30 augustus 2026
Finlo
Redactie · Over ons
Let op de risico's. Beleggen brengt risico met zich mee, inclusief het volledige verlies van het geïnvesteerde kapitaal. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Deze inhoud is informatief: het vormt geen beleggingsadvies en geen persoonlijke aanbeveling.
Sinds 1 januari 2026 past België een belasting van 10% toe op financiële meerwaarden die particulieren realiseren. Dit is de belangrijkste fiscale verandering voor Belgische beleggers van de afgelopen jaren. Hier is wat ze concreet raakt, hoe ze berekend wordt, en wat de jaarlijkse vrijstelling in de praktijk verandert.
Wat de belasting raakt
De belasting van 10% is van toepassing op de meerwaarde gerealiseerd bij de vervreemding onder bezwarende titel (meestal een verkoop) van financiële activa in brede zin: genoteerde of niet-genoteerde aandelen, obligaties, delen van beleggingsfondsen en ETF's, afgeleide producten, evenals bepaalde beleggingsverzekeringen (tak 21 en 23) en cryptomunten.
Ze komt bovenop de bestaande mechanismen — beurstaks bij elke transactie en roerende voorheffing op dividenden — zonder ze te vervangen.
De jaarlijkse vrijstelling van 10 000 €
Elke belastingplichtige geniet een jaarlijkse vrijstelling van 10 000 € aan meerwaarden. Onder dit bedrag op een jaar is er geen belasting verschuldigd op de gerealiseerde meerwaarden.
Als de vrijstelling niet volledig gebruikt wordt in een bepaald jaar, kan een niet-gebruikt deel — tot 1 000 € — overgedragen worden naar het volgende jaar, waardoor de cumulatieve vrijstelling kan oplopen tot een maximum van 15 000 € per persoon.
Hoe de belastbare meerwaarde berekend wordt
Voor activa aangekocht vóór 2026 wordt de belastbare meerwaarde niet berekend ten opzichte van de oorspronkelijke aankoopprijs, maar ten opzichte van de waarde van het actief op 31 december 2025 (slotkoers). Concreet is enkel de waardestijging vanaf 2026 onderworpen aan deze nieuwe belasting — de meerwaarde opgebouwd vóór die datum valt buiten het toepassingsgebied.
Voor een actief aangekocht na 1 januari 2026 wordt de meerwaarde normaal berekend tussen aankoop- en verkoopprijs.
Vereenvoudigd voorbeeld
Een belegger verkoopt in 2027 ETF's die hij in 2026 kocht voor 8 000 € en verkoopt voor 14 000 €, ofwel een meerwaarde van 6 000 €. Deze meerwaarde valt volledig binnen de jaarlijkse vrijstelling van 10 000 €: er is dat jaar geen belasting verschuldigd.
Had dezelfde belegger datzelfde jaar een meerwaarde van 13 000 € gerealiseerd, dan zouden de 3 000 € boven de vrijstelling van 10 000 € belast worden aan 10%, ofwel 300 € verschuldigd.
Wat dit verandert voor een jonge beginnende belegger
Voor de meerderheid van de jonge Belgische beleggers die starten met bescheiden maandbedragen, dekt de jaarlijkse vrijstelling van 10 000 € ruimschoots de gerealiseerde meerwaarden, zeker in de eerste beleggingsjaren. Deze belasting weegt vooral door bij grote portefeuilles of belangrijke eenmalige verkopen (bijvoorbeeld bij een vastgoedaankoop).
Deze gids is geen persoonlijk fiscaal advies
De hier voorgestelde regels zijn algemeen. Jouw persoonlijke situatie kan bijzonderheden bevatten (activa verworven vóór 2026, andere roerende inkomsten) die de exacte berekening beïnvloeden. Raadpleeg voor een specifieke vraag een erkende boekhouder of fiscaal adviseur.
Volgende stap
Om het volledige Belgische fiscale systeem voor beleggen te begrijpen, keer terug naar de volledige gids over de Belgische fiscaliteit.